Differentiatie overdrachtsbelasting op losse schroeven


24 september 2020 - De Afdeling advisering van de Raad van State heeft de indieners van het wetsvoorstel dat differentiatie binnen de overdrachtsbelasting vanaf 2021 mogelijk moet maken, dringend geadviseerd deze niet bij de Tweede Kamer in te dienen, tenzij het een aangepaste versie betreft.

Karin Kuiken: "Worden er nu starters blij gemaakt met een dood musje?"


Er worden door de Afdeling advisering opmerkingen geplaatst over de doelmatigheid van de maatregelen, de handhaafbaarheid en over de evaluatie van de vrijstelling. Het wetsvoorstel is onderdeel van het fiscale pakket voor het jaar 2021 dat op Prinsjesdag werd gepresenteerd. Het regelt een nadere differentiatie in de overdrachtsbelasting. Het algemene tarief wordt verhoogd tot 8%, waarbij het huidige lage belastingtarief van 2% voor woningen vanaf 1 januari 2021 alleen nog van toepassing is op kopers die daadwerkelijk in de woning gaan wonen. Particuliere beleggers die een woning kopen moeten vanaf 1 januari 2021 dus het algemene tarief van 8% aftikken. Voor kopers die op het moment van de overdracht meerderjarig zijn, maar jonger dan 35 jaar, en voldoen aan de voorwaarden voor het 2%-tarief, gaat voor een periode van vijf jaar een eenmalige vrijstelling gelden voor het betalen van de overdrachtsbelasting.

Doelmatigheid
De Afdeling advisering plaatst vraagtekens bij de onderbouwing van de doelmatigheid van de vrijstelling van overdrachtsbelasting. "Zolang de vraag naar woningen het aanbod overtreft, zullen maatregelen aan de vraagkant weinig gevolg hebben omdat het zeer waarschijnlijk is dat het fiscale voordeel tot hogere woningprijzen leidt. De groep tot 35 jaar betaalt dan weliswaar geen overdrachtsbelasting, maar wel een hogere prijs voor de woning en gaat dan wellicht een hoger bedrag lenen. Dit staat haaks op de wens om te zorgen voor minder prikkels voor starters en doorstromers om hoge schulden aan te gaan.”

Ook worden kritische noten geplaatst bij de keuze om de woningwaarde niet te maximeren. In de praktijk kan ook een ‘starter’ die een woning koopt van bijvoorbeeld 1 miljoen euro volledig gebruik maken van de vrijstelling. "De vraag is hoe deze onbegrensdheid bijdraagt aan het doel van het wetsvoorstel”, schrijft de Afdeling advisering in het advies.

Overlap vrijstellingen
Ook is er volgens de Afdeling advisering door de indieners geen aandacht besteed aan de samenhang met de schenkingsvrijstelling in de schenkbelasting ten behoeve van de eigen woning. Nu nog kan een bedrag van maximaal 103.643 euro ten behoeve van de eigenwoning vrij van schenkingsrecht worden geschonken, als de ontvanger op dat moment tussen de 18 en 40 jaar oud is. "Starters die in de positie verkeren dat zij van deze schenkingsvrijstelling kunnen profiteren, kunnen evenzeer aanspraak maken op de vrijstelling voor de overdrachtsbelasting. In de toelichting wordt niet duidelijk in hoeverre dit past in het doel van het wetsvoorstel. Dat doel moet er voor de regering vooral toe leiden dat ‘starters’ door de vrijstelling voor de overdrachtsbelasting minder lang hoeven te sparen voor hun kosten koper.

Ook is onduidelijk waarom de leeftijdsgrens in beide vrijstellingen (35 jaar bij de overdrachtsbelasting en 40 jaar bij het schenkingsrecht) niet op elkaar zijn afgestemd.”

Bron InFinance, lees

Geplaatst op: 25 september 2020

Terug naar blog

© 2020 - Finance & More Heerhugowaard